| Korte geschiedenis van 1932
tot 1944 |
Terug
naar Geschiedenisoverzicht |
![]() |
- wereldcrisis - opkomst nazi-Duitsland - Manifest van de Europese Verzetsbewegingen - Benelux |
Wereldcrisis |
Begin jaren 30 ontstond een economische wereldcrisis en diverse landen probeerden het hoofd boven water te houden door noodoplossingen te bedenken. De verschillende pogingen om de situatie te verbeteren hadden nog weinig succes.
| Omdat Europese samenwerking zeer moeilijk was, probeerden bepaalde landengroepen zelf de situatie te verbeteren. |
De Scandinavische landen, Nederland en
België sloten de Conventie van Oslo, die in 1932 moest gaan werken. Door de
douanetarieven te verlagen werd ervoor gezorgd dat de handel tussen de Oslolanden
bevorderd werd.
| Opkomst nazi-Duitsland |
Naast de wereldcrisis was er
een groter opkomend probleem in Midden-Europa: de totalitaire
dictatuur
onder leiding van Adolf Hitler,
begin 1933. Hitler werd Rijkskanselier en de dreiging voor omliggende landen werd steeds
groter.
| Manifest van de Europese
verzetsbewegingen |
Naar boven |
| Tijdens de Tweede Wereldoorlog, in 1944, protesteerden
Italiaanse, Franse en Nederlandse verzetsgroepen tegen wat zij de oorzaak van de oorlog
vonden: de soevereiniteit van
Europese landen |
| Benelux |
In verschillende landen leefde het idee om nauwer samen te werken binnen Europa. In eerste instantie wilde België (naast Nederland en Luxemburg) Frankrijk betrekken in dit samenwerkingsverbond. De regering van Frankrijk op haar beurt wilde dat Groot-Brittannië ook onderdeel werd van de integratie. België stemde in, maar Groot-Brittannië weigerde. Uiteindelijk werd het een verdrag tussen België, Nederland en Luxemburg: de Benelux (5 september 1944).
| Er werd afgesproken dat de landen na de oorlog een douane-unie |
Na de oorlog kreeg de Benelux gelijk een moeilijke start. Omdat België een stuk eerder bevrijd was van de Duitsers dan Nederland, was er een stuk minder schade. Dit zorgde voor een kloof tussen de economieën van deze landen. België werd al snel de belangrijkste leverancier van onder andere grondstoffen. Voor de oorlog betaalde Nederland deze goederen met diensten en landbouwproducten. Nu had België hier weinig behoefte aan en de landbouwexport van Nederland werd buiten de Beneluxafspraken gehouden, waardoor Nederland op den duur behoorlijke betalingsproblemen kreeg met België.
Daarnaast verliepen de Beneluxonderhandelingen moeilijk, omdat de Nederlandse regering moeite had met afstaan van financiële vrijheid. Men wilde vasthouden aan de lagelonenpolitiek| Ondanks de moeilijke onderhandelingen tussen de landen, had de Benelux zo nu en dan op politiek gebied behoorlijke invloed. |
Er werd bijvoorbeeld flink wat geld via
de Marshallhulp
(zie geschiedenis 1944 tot 1957) binnengehaald
en de Benelux speelde een belangrijke rol in het Pact van Brussel: een verdrag rond
militaire samenwerking tussen Europese landen.
| In 1957 wordt de Benelux als economische Unie toch een feit, maar zonder nieuwe regering die over de drie landen zou gaan beslissen. |